• Universiteitssingel 50, 6200 MD Maastricht
  • +31619641026

Inge Hendriks: GEZP

Oktober 2015. De reis waar ik lang naar uit had gekeken begon. Vijf maanden naar Ghana waarvan 18 weken voor mijn GEZP in Damongo. Eerst heb ik een week kennis gemaakt met de cultuur en de natuur bewonderd door met het openbaar vervoer (lees: gammele, oude busjes) van Accra via de Volta Regio naar Tamale te reizen, waar ik werd opgehaald door Sieneke en Pearl (twee semi-artsen die er al enkele weken waren) en de chauffeur van het ziekenhuis om naar Damongo te reizen. De volgende dag begon ik meteen in het ziekenhuis.

Tijdens de rondleiding in het ziekenhuis werd ik direct aan iedereen werd voorgesteld en kreeg ik van iedereen een stralende glimlach gevolgd door een ‘You are welcome!’. De eerste dagen keek ik vooral mee met Sieneke en Pearl om de lokale mogelijkheden tot diagnostiek en behandeling te leren. Na mijn eerste drie dagen gingen zij echter op vakantie en stond ik er plots alleen voor! Natuurlijk waren de artsen ook nog wel ergens in (de buurt van) het ziekenhuis, maar in principe kijken zij alleen mee als je zelf vraagt om supervisie en de minder complexe patiënten wordt je geacht zelf af te kunnen handelen.

De eerste bloedtransfusie die ik uitschreef voor een ernstig ziek kind, wat in Nederland toch eerder uitzondering is dan regel, was voor mij dan ook wel heel erg wennen. Midden in de nacht zat ik rechtop in bed, mezelf afvragend of ik echt niet was vergeten te vragen om hydrocortison in de buurt te houden voor het geval er een transfusiereactie zou optreden. Maar al gauw werd het voorschrijven van bloedtransfusies steeds gewoner, als ook het diagnosticeren van exotische ziektebeelden als (gecompliceerde) malaria en ringwormen en het opnemen van ernstig zieke patiënten.

Een van de uitdagingen in het ziekenhuis was de taalbarrière. Het merendeel van de patiënten heeft namelijk nooit Engels geleerd. Zij spreken een van de 13 talen die Ghana rijk is. Communicatie gaat dan via de verpleegkundige, of soms zelfs via een verpleegkundige en een familielid of andere patiënt. Dit zorgde voor een hoop miscommunicatie en veel belangrijke informatie kwam nooit bij mij aan. Ik heb hierdoor wel heel erg leren vertrouwen op mijn klinische blik: ziet de patiënt er ziek uit? Zie ik verandering ten opzichte van gisteren? Wat zijn mijn bevindingen bij lichamelijk onderzoek?
Een andere uitdaging vond ik het gebrek aan diagnostische middelen. Beperkte laboratoriumdiagnostiek, een echo-apparaat en een röntgenapparaat zijn in principe beschikbaar. Echter, soms zijn bijvoorbeeld de malariatesten op, en halverwege mijn GEZP werd besloten een bijdrage te rekenen voor bepaalde onderzoeken omdat het ziekenhuis in geldnood was omdat zij al lange tijd geen geld van de zorgverzekeraar hadden gekregen. Patiënten konden dit vaak niet betalen, waardoor ik zonder extra testen een diagnose moest stellen en blind moest behandelen. Dit terwijl de medicatie veel bijwerkingen kent! Dit is erg schrijnend om te zien.

Voor wat meer gespecialiseerde behandelingen (bijv. gecompliceerde botbreuken en (waarschijnlijk) een congenitale hartaandoening) en voor meer gespecialiseerde diagnostiek (bijv. bij het vermoeden van kanker) moesten we patiënten doorsturen naar een grotere stad, maar dit werd vaak niet gedekt door de zorgverzekering, waardoor patiënten besloten niet te gaan. Dit leidde vaak tot schrijnende gevallen. Bijvoorbeeld een 8-jarige met een bovenbeensbreuk die geopereerd moest worden, maar omdat de familie hier geen geld voor had werd dit niet gedaan en werd gekozen om naar een traditionele genezer te gaan. De wetenschap dat zo’n kindje waarschijnlijk de rest van zijn leven kreupel zal zijn hierdoor, is hartverscheurend.

Andere heftige dingen waren onder andere het voor het eerst schouwen van een overleden patiënt: een 14-jarige meisje dat 15 minuten nadat ik in het ziekenhuis arriveerde kwam te overlijden. De operatie van een 8 maanden oude baby met een invaginatie, die vóór de operatie al stopte met ademen doordat de darmen te veel waren uitgezet, maar die uiteindelijk de operatie toch heeft overleefd en redelijk goed opknapte, de tijd zal echter duidelijk moeten maken wat hij hier van over heeft gehouden. De terminale patiënt met kanker die heel graag naar huis wilde om te overlijden, maar waarbij de familie haar niet wilde verzorgen waardoor ze uiteindelijk na enkele weken in het ziekenhuis is overleden. De patiënt met een grote niet-genezende wond op het been, die na zes maanden in het ziekenhuis gelegen te hebben mentaal de stap nam om een onderbeensamputatie aan te gaan en uiteindelijk met tranen in de ogen van blijdschap het ziekenhuis verliet.  Om 0.00u gebeld worden door de verpleging terwijl je zelf met koorts op bed ligt dat een van je patiënten hard achteruit gaat en de andere artsen niet te bereiken zijn. De zwangere patiënte die verkracht blijkt te zijn door een familielid. Het 12-jarige meisje met een positieve zwangerschapstest, waarmee je het gesprek aangaat of ze ooit seks heeft gehad of dat iemand haar ooit gedwongen heeft tot seksuele handelingen, maar waar uiteindelijk blijkt dat het een vals-positieve test was, waarna ze je huilend omhelst. De 2-jarige met een cerebrale parese (hersenverlamming), waarbij de ouders toen pas voor het eerst hulp zochten. De jonge, hevig ondervoede kinderen en de HIV-geïnfecteerde kinderen. Zo kan ik nog wel even doorgaan.

Een stage in Ghana speelt zich echter niet alleen af in het ziekenhuis. Samen met Daniëlle, een keuzecoassistent, had ik een motor gekocht, waardoor we minder afhankelijk waren van taxi’s en openbaar vervoer. Op zaterdag gingen we naar de markt voor de algemene boodschappen. Onder een mangoboom delen van een in de ochtend geslacht varken kopen. Dit deden we het liefst zelf, omdat we dan in ieder geval konden zorgen dat we goede stukken vlees kregen (geen bot, geen organen, nee, ook geen oor!). Verder kocht ik op de markt stof om prachtige Ghanese jurken van te laten maken door de naaisters in het dorp. Ook heb ik vijf weken lang mijn haren gevlecht gehad zoals de Ghanese meisjes dat ook doen. Dit zorgde voor heel wat complimentjes van de lokale bevolking omdat ze het zo leuk vinden!

We gingen regelmatig naar Mole National Park om te zwemmen en olifanten te kijken of naar Tamale om wat meer Westers eten te kopen en lekkere pizza te eten. Verder waren er vaak feestjes waar op zijn Ghanees gedanst werd (de jongen achter het meisje, erg genant!) en heb ik veel lokale vrienden gemaakt waar ik mee afsprak om te eten of om samen film te kijken.

In de kerstvakantie kwam mijn gezin op bezoek, waarna we twee weken in Ghana hebben rondgetrokken en ook in mijn tijd in Damongo heb ik twee weekendtripjes (nog verder) naar het noorden van Ghana gemaakt.

Deze GEZP in Ghana was een unieke kans, waar ik veel heb geleerd, grenzen heb verlegd, maar vooral ook ontzettend heb genoten. Ik ben er van overtuigd dat deze ervaring mij een betere dokter maakt en ik zou het zeker aanraden aan mensen die het overwegen. Maar wat ga ik mijn tijd in Ghana missen. Het was makkelijk om uit Nederland te vertrekken, wetende dat ik weer terug zou komen. Het was veel moeilijker om mijn opgebouwde leven in Ghana achter te laten, niet wetende of ik er nog ooit iets van terug zou zien.

 

 

Lees meer: Daniëlle van Gastel: Keuzecoschap